Misschien ging het eerste uitstapje in de vorige editie (1# 2017) van UP/DOWN je iets te ver. Een artikel over wielrennen in een mountainbike tijdschrift, ongehoord volgens sommige hardcore trailrijders. Maar je hebt het volgende nummer in je handen, deze keer doen we het iets rustiger aan en willen we het graag hebben over “de” modeterm van dit fietsseizoen, gravelracen.

Tekst Harm Spoelstra en Thomas Ettema

Elke mountainbiker die er niet aan moet denken om in een strak pakje en met geschoren benen de straat op te gaan, maar wel verder durft te kijken dan de singletracks, zou zich mogelijk goed kunnen vermaken op een gravelracer. Maar wat is dan precies een gravelracer en waar komt de term vandaan? In de Lage Landen zijn de meeste wegen inmiddels wel geasfalteerd, iets wat niet in de rest van de wereld vanzelfsprekend is. Grote delen van het wegennetwerk in de Verenigde Staten zijn nog steeds niet geasfalteerd, deze wegen staan bekend als gravel roads. Terrein waarop je zeker niet met 23 millimeter wielrenbanden wil rijden, maar waar je trailbike zeker overkill zal zijn.

Er wordt natuurlijk al zolang als de fiets bestaat gereden op deze gravel roads, maar de laatste jaren komen er meer en meer wedstrijden die de naam gravelrace hebben gekregen. Voor dit terrein zijn inmiddels specifieke fietsen gecreëerd. Gravelracers hebben ruimte voor banden tot 40 à 45 millimeter, zijn vaak uitgevoerd met schijfremmen, hebben een dropbar en een geometrie die ervoor gemaakt is om lang en hard te fietsen.

Het doet misschien denken aan cyclocross, die rare wintersport waarvoor heel België lijkt warm te lopen. Verschil is echter dat de geometrie van een gravelracer relaxter en stabieler is en aanzienlijk meer ruimte biedt voor dikkere banden. Voor de echte purist zal dit klinken als een logge racefiets of een slap aftreksel van de mountainbike. Maar als je iets verder kijkt dan je lokale rondje, in het terrein of op de weg, dan zou dit de fiets kunnen zijn waarmee je iedere rit weer een ander pad in kan slaan, ongeacht de ondergrond. Laat dit nu net de charme zijn van de gravelracer.

De eerste stap

Voordat wij je weer een nieuw type fiets proberen aan te smeren, je hebt tenslotte na ons vorige artikel een mooie Pinarello van 4K uit het schap getrokken, willen wij je eens vragen om een kaart van je eigen omgeving erbij te pakken. Als je op deze kaart nu eens je eigen huis en de lokale mountainbikerondjes markeert, zou je deze posities dan kunnen verbinden via een aantal rustige wegen? Of is er binnen een fietsbare afstand, laten we zeggen vijf tot vijftig kilometer, een stuk natuur te vinden waar je nog nooit geweest bent? Natuurlijk vraagt het opzetten van een alternatieve route een beetje creativiteit, maar alle beschikbare moderne gps-software kan je daarbij enorm helpen. Vervolgens moet het best mogelijk zijn om die route te rijden op je oude vertrouwde mountainbike. Goede kans dat je fiets overkill is voor de bospaden waar je terecht komt en voel je je serieus traag op de asfalt stukken van je route. Stel je nu eens voor dat je een snelle en speelse fiets onder je kont hebt die geen moeite heeft met een modderig pad of een stoffige landweg. De fantastische mix van avontuur en oneindige mogelijkheden die een gravelracer zou kunnen bieden, ook in Nederland en België.

Lagere instapprijs

De racefiets bestaat al meer dan honderd jaar, dit is dan ook duidelijk terug te zien op Marktplaats. Gravelfietsen daarentegen zijn nog redelijk kort op de markt en zijn daarom lastiger tweedehands te vinden. Je zou ervoor kunnen kiezen om op zoek te gaan naar een gebruikte cyclocrosser, al is de kans groot dat je snel tegen de beperkingen van deze fiets aanloopt.

Inmiddels maken alle grotere fietsmerken een of meerdere modellen die als gravelracer gezien kunnen worden. Het feit dat gewicht minder belangrijk is en de fietsen geen vering hebben zorgt ervoor dat je al voor een lagere instapprijs je eerste gravelracer in huis kan halen. Vorige keer hebben wij het bij de racefietsen al vermeld, het is bij fietsen met een dropbar belangrijk dat je de juiste maat hebt en dat de fiets goed is afgesteld op jouw dimensies. Je mountainbikepedalen, -schoenen, -kleding en -helm zijn prima geschikt om te gebruiken tijdens je eerste gravelrit. De sport is nog jong en heeft dus nog geen ongeschreven regels over hoe je eruit moet zien.

Mocht je bij het thuisfront extra argumenten nodig hebben om weer een fiets toe te voegen aan de collectie, dan kan dit het ideale moment zijn om ook eens na te denken over woon-werkverkeer. Een gravelracer kan het ideale apparaat zijn om in weer en wind, zomer en winter, naar je werk te fietsen. Met een beetje geluk is deze fiets dus dubbel inzetbaar!

(On)mogelijkheden

Een fiets gemaakt om in meerdere situaties uit de voeten te kunnen, zal nooit de ideale keus zijn voor een specifieke discipline. Je moet dan ook niet verwachten dat je met 40mm-banden moeiteloos een groepje wielrenners bijhoudt. Ook zal het heel spannend worden om die echt technische afdaling in de Ardennen volle bak naar beneden te rijden. De limieten van een gravelracer zal je geregeld tegen kunnen komen, ook in Nederland. Maar, de enige manier om ergens beter in te worden is het opzoeken van je limiet. Goede kans dat je in een groepje wielrenners hard moet werken, maar daar word je alleen maar sterker van. Goede kans dat je lokale mountainbikeroute de eerste keer echt een hels karwei is op 40mm-banden en een fiets zonder vering, maar hier zal je fietstechniek zeker niet onder lijden.

Conclusie

Voor elke mountainbiker die wielrennen echt een stapje te ver vindt gaan zou een gravelracer de toegangspoort kunnen zijn naar meer uren op de fiets, naar nieuwe paden, naar een betere conditie en een verbeterde techniek. De veelzijdigheid die een gravelracer kan toevoegen aan je fiets hobby wordt enkel beperkt door je eigen creativiteit. Er liggen nog ontelbaar veel onbekende en onverharde kilometers te wachten om ontdekt te worden!

Where The Streets Have No Name

Soms lijnen de sterren gewoon goed en vallen dingen samen, zoals sneeuw tijdens kerst. Want ongeveer net op het moment dat we hadden besloten om deze keer het gravelracen te onderzoeken ontvingen we een uitnodiging van niemand minder dan Gijs Bruinsma, organisateur des events professionnel. Een uitnodiging voor Where The Streets Have No Name, een evenement waarbij mountainbikers en gravelracers het tegen elkaar opnemen om te zien welke nu sneller is op de diverse segmenten van een parcours.

Dus als aanvulling op de expertise van Thomas in het voorgaande stuk, nu de perfecte kans om het zelf eens te ervaren. En alvorens we beginnen met de analyse, moet er toch ook echt wat worden verteld over het evenement zelf. Het is er namelijk een van het type ‘waarom-zijn-er-niet-meer-van-dit soort- evenementen?’ Zo’n honderd deelnemers, een ratjetoe van stijlen, van lycra-race tot complete downhill-outfit en afgeknipte spijkerbroek-met-houthakkers blouse. En snor. Plus een even zo grote diversiteit aan vervoersmiddelen. Racefietsen, cyclocrossers, gravelracers, XC-mountainbikes en endurobakken, het staat er allemaal. Maar het meest bijzondere is de heerlijke sfeer die het met zich meebrengt. Als een ware Gandhi brengt Gijs met dit evenement alle geloven samen, waarbij al snel blijkt dat we eigenlijk zo verschillend niet zijn. Onze passie voor fietsen doet verbroederen. Amen.

Sequoia

Maar terug naar de fiets. Speciaal voor deze dag heeft Specialized zijn Sequoia Avonturen Fiets ter beschikking gesteld. Het doet in eerste instantie nog het meeste denken aan een MTB met een dropbar (lees: racefiets stuur) en smallere wieltjes. En zo voelt het ook. Na de eerste meters voelt het eigenlijk heel prettig, de bike rijdt vrij rechtop en met een lekkere snelheid. Het is een beetje uitvogelen wat het fijnste rijdt, aangezien je met je handen drie keuzes hebt.

Op de bovenkant van het stuur, dus met je handen haaks op de rijrichting. Of twee, met je handen op de remmen, bovenop. Dit geeft een wat diepere zit, maar voelt niet oncomfortabel. Direct je vingers op de remmen, dit vinden we het prettigste rijden op negen van de tien stukken. Ten derde kun je de handen onder in de beugels houden. Hierbij heb je echt een diepe zit en zeker op de technische stukken is het de plek waar je je handen wilt houden, aangezien zo het remmen het beste gaat.

Specialized Gravelracer uitstapje

Route

We starten de route vanaf het startpunt, waar wat objecten zijn neergelegd om iedereen wakker te schudden. Op de eerste delen is het vooral hard gaan, op zoek gaan naar de limiet van de grip van de banden in de bochten. Op hard pack was dit prima, je voelt alleen dat de banden in mulle grond wat eerder wegzakken. Dan verschijnt er in de verte een eerste segment bord. Gijs heeft namelijk het wedstrijdelement op een toffe eerder wegzakken. Dan verschijnt er in de verte een eerste segment bord. Gijs heeft namelijk het wedstrijdelement op een toffe manier weten te versmelten in de tocht. Er zijn twee verschillende routes, een zestig kilometer lange route voor de gravelracers en een veertig kilometer lange route voor de mountainbikers. Op vier segmenten komen deze routes samen, deze segmenten worden middels Strava getimed. In totaal zijn er twee segmenten meer geschikt voor de gravelracers en op twee segmenten zijn mountainbikers in het voordeel. Degene die deze segmenten het snelste aflegt, wint. De rest van de tocht kun je dus lekker op eigen energie rijden.

Gevoel

We ervaren ook een gevoel van vrijheid met de fiets: ondanks dat je op geen discipline de snelste zult zijn kan dit beestje elke paadje, zeker in Nederland, aan. Uiteraard blijft het een concessie: niet zo snel als een racefiets, niet zo capabel als een MTB, maar wel een apparaat dat beide kan. Terug naar het evenement. We passeren het eerste startbord voor de “gravel special”. Niet iedereen voelt zich geroepen om te gaan blazen, wij wel. Samen met nog wat mannen om ons heen beginnen we te staan en te trappen als een malle. We rijden over brede karrenpaden, dus ruimte genoeg om elkaar in te halen. Omdat we niet weten hoe lang het segment is voelt hij bijna als een endurowedstrijd, continu schakelen tussen zo hard mogelijk gaan en de afweging maken tussen hoe lang je het nog volhoudt op dit tempo. Tot we het verlossende bordje Einde voorbij rijden en weer een tandje terug kunnen schakelen. Na een x aantal kilometers komt het eerste MTB-segment. Dit is echt even wat anders. Op volle snelheid wordt dit best spannend en gezien het feit dat we nog niet bekend zijn met de gravelracer ook best sketchy. Dikke worteltapijten stuiteren ons bijna van de fiets en we zoeken continu naar de beste positie voor onze handen, die af en toe van het stuur af stuiteren, waardoor we niet kunnen remmen. Wel weer goed voor een mooie tijd.

Koffie en burgers

De ruststop lijkt wel een fata morgana: dadels en stroopwafels gecombineerd met een espresso. En dan niet uit een thermoskan of een kantine apparaat, nee niks van dit alles. Er staat midden in het bos gewoon een verse bonenmaler naast een officieel espressoapparaat, met twee vrolijke vrijwilligers die iedereen voorzien van een bakkie. En we kunnen je vertellen, een van de lekkerste, zeker zo met medefietsers midden in het bos op een van de eerste lentedagen. De rit vervolgt nog met een MTBen gravel-sectie, allebei mooi afwisselend.

Bij terugkomst worden we ontvangen door een bandje, kampvuur, koude biertjes in de zon en een hamburger, vers van de grill. De saamhorigheid is misschien nog wel het tofste om te zien, de diversiteit in mensen, fietsen, disciplines, allemaal bij elkaar in een smeltkroes van all things bicycle.


Dit artikel is afkomstig uit Up/Down #2 van 2017. Wil je meer lezen ? Bestel ‘m dan snel in de SOUL Webshop of neem een abonnement en kies ervoor om dit magazine ook te ontvangen. Met een abonnement op Motion geniet je naast het laatste nieuws, de vetste trips en beste gear als eerste op je mat van nog meer voordelen, dus check snel onze abonnee-pagina!