De koeienbellen rinkelen, de edelweiss staan vol in bloei, flesjes Almdudler en halve liters witbier sieren de dienbladen van de in lederhosen gehulde obers. Het mag duidelijk zijn, we bevinden ons in Oostenrijk, in de regio Salzkammergut om precies te zijn. We hebben net onze eerste klim gehad en staan bij een berghut de vallei te aanschouwen. Het is hier machtig mooi, zo mooi dat je haast zou denken dat alle ansichtkaarten in Oostenrijk hier gefotografeerd zijn. Helemaal top die schoonheid van Moeder Natuur, maar ik heb een andere prioriteit. Zou er ook een mooie trail naar beneden lopen…?

Foto’s en tekst: Michiel Rotgans

Ik open de deuren van het fahrraddraum om mijn fiets in op te bergen. Altijd leuk dit moment om te zien waar je mede-hotelgenoten de berg mee op- en affietsen. Na het aanschouwen van alle vederlichte crosscountry- en marathonfietsen voel ik me met mijn 140 millimeter Cube Stereo toch een beetje overpowered. Ach, we zullen zien of mijn bike een overkill voor het terrein is. De omliggende bergen zien er in ieder geval groot en imposant uit, daar zal het niet aan liggen. Ik bevind me in Salzkammergut, een regio in Oostenrijk die onder mountainbikers bekend is om de Salzkammergut Trophy, de grootste marathon van Oostenrijk. Een uitputtende race van 211 kilometer waarbij je zevenduizend hoogtemeters klimt en daalt en dat alles op één dag. We zijn hier slechts een week voor de Trophy van 2012 en het hele dorp lijkt al in de ban van het evenement. Ik ga aan tafel voor het diner en net op dat moment arriveert mijn reisgenoot Jarno Veerhoek. Jarno is misschien wel één van de meest allround rijders van Nederland. Na in zijn jeugd fanatiek xc’er te zijn geweest heeft hij zich toegelegd op downhill. Ondertussen heeft hij al een paar knappe wedstrijdresultaten uit het enduro-circuit op zijn naam staan. Op het terras zitten hier en daar andere groepjes mountainbikers aan tafel. Wat meteen opvalt is de fitheid van hun fysieke gestel. Stuk voor stuk hebben ze zo’n strakke kaaklijn en een achterwerk waar menig vrouw jaloers op zal zijn. Jarno en ik maken wat grappen over hoe deze mensen mountainbiken beleven maar hebben tegelijkertijd wel een hoop respect voor de focus en toewijding die er voor nodig is om tot dit soort prestaties te komen. Tussen neus en lippen door laat Jarno even vallen dat hij de Salzkammergut Trophy ook een keer heeft gereden, eigenlijk is Jarno ook wel fit.

Jarno weet raad met rotstuintjes als deze.

Gespannen staan we voor het hotel te wachten op onze gids. Zouden we vandaag zo’n übermensch-bootcamptrainer meekrijgen? Dat zal dan wel stevig aanpoten worden. En als we dan met zo’n Ironman op pad gaan, zou hij mooie trails weten of alleen maar brede paden omhoog willen beuken? Alle zorgen verdwijnen als wolken voor de zon, een lief klein meisje komt de hoek om rijden. Elke is een lokale mountainbikester en kent het gebied op haar duimpje. Na een kleine introductie komen Jarno en zij erachter elkaar te kennen van downhill-wedstrijden. “Met die afdalingen komt het wel goed”, bedenk ik me. Ondanks de dreigende donkere wolken in de vallei beginnen we onze klim over een doubletrack omhoog. Met nieuwe mensen is het eerste kwartier van zo’n klim altijd even afwachten wat voor vlees je in de kuip hebt. Moet je die dag met je tong op je knieën achter iedereen aanhobbelen of kan je omhoog op je dooie gemakje? Voor het eerst rij ik met een 1×10 set-up in de bergen. Voor heb ik een tweeëndertig-tands blad, wat hetzelfde is als een middenblad bij een 3×10 set-up. Kortom, echte lichte versnellingen heb ik niet, zal ik dit gaan trekken? Misschien moet ik niet zo zeuren want Jarno rijdt 1×10 met een vierendertig-tands blad voorop, hij krijgt het nog wel een stukje zwaarder, we zullen zien. Al snel zit ik in mijn cadans en trap ik met een constante slag de berg op. Echt gezellig is de klim niet want ieder rijdt voor zich op zijn eigen snelheid. Jarno is niet bij te houden, want kan door het gebrek aan lage versnellingen simpelweg niet langzamer. Elke heeft last van een knieblessure en doet het daarom rustig aan. Ik zit een beetje halverwege.

Lunch voor übermenschen                                       Sexy benen van het fietsen.

Bij een singletrail stoppen we, de banden van de rugzak gaan strakker, de kniebeschermers gaan om, het is tijd voor wat actie. Elke laat op een kaart zien wat ons te wachten staat. Een traverse van een aantal kilometers dient als verbindingstuk naar de volgende klim. Het pad is als mountainbiketrail aangewezen en er is veel energie in de aanleg gestopt. Zo zijn onberijdbare moerassige stukken voorzien van ‘north-shore bruggetjes’ om de flow te behouden. Ook zijn uitgesleten stukken trail voorzien van worteldoek om erosie tegen te gaan. UPS en DOWNS volgen elkaar op in een rap tempo. Kijk je niet vooruit dan heb je een dikke kans dat je niet in de goede versnelling zit wanneer de trail weer omhoog gaat. Een echt allmountainpad waar alle facetten van het mountainbiken bij komen kijken. Halverwege de trail breken de wolken boven ons en niet zo’n klein beetje ook. Elke weet een schuilplek op het eind van de trail maar daarvoor moeten we eerst nog een stukje rijden. Als forensen die de trein moeten halen racen we door tot het einde van het pad. De wortels en bruggetjes worden steeds gladder. Gelukkig komen we zonder een echt heftige crash aan bij de schuilplaats. Nu is het wachten op de donderwolken die voorbij waaien.

Na een klim, een lunch in een berghut, een afdaling door een rockgarden en nog wat bospaden komen we uit bij de Eeuwige Wand, de toeristische trekpleister van de regio. De Eeuwige Wand is een verticale rotswand die zeshonderd meter boven de vallei uitsteekt. Op tweederde van die hoogte is daar een pad in gehakt en die is te fietsen. Vanaf dat pad is het uitzicht fenomenaal. Je overziet de hele vallei. Vrees niet, er staat gewoon een hekje, dus je zal niet snel naar beneden kukelen. We schieten een aantal foto’s, net zoals de honderden toeristen die ons voor zijn geweest. Echt een unieke plek. We genieten een tijdje van het uitzicht en gaan verder. We zijn op de terugweg naar het dorp en hebben nog wel een aantal hoogtemeters af te dalen. De trails de vallei in zijn niet super uitdagend maar leuk genoeg om ons te vermaken. We stuiteren wat heen en weer over de losse stenen op de doubletracks. Elke bocht weer raak ik mijn remmen steeds minder aan en duik ik de volgende bocht met steeds meer snelheid en zekerheid in. Ik voel beide wielen zijwaarts driften maar niet out of control. Dit gevoel is vet! Beneden aangekomen moet Elke tot haar grote spijt meedelen dat ze vanmiddag andere verplichtingen heeft. Ons leven is zo zwaar, wij staan voor het grootste dilemma van de dag, doen we nog een trail of niet? Ik zit er redelijk doorheen maar door Jarno’s enthousiasme word ik overgehaald en het uur daarna klimmen we aan de andere kant van de vallei over het asfalt omhoog. Elke heeft Jarno op het laatste moment goed ingelicht over de route. Weggetje omhoog, bij een boompje links, ander boompje rechts en dan een wandelpad zoeken die over de rand van een cliff loopt. En weer hebben we een trail die deels slingert door het bos en deels over de rand van een afgrond gaat. Continu hebben we op rechts dat diepe gat lonken. Zelfs al is het pad niet te moeilijk, toch ga je onbewust naar de berg hangen. Tja, dat is niet zo handig want dan val je om. De trail wordt steiler en technischer naar beneden. Krappe switchbacks en rockgardens volgen elkaar op in rap tempo. Jarno en ik maken er een spelletje van, als een sectie niet lukt dan moet je weer omhoog lopen net zo lang tot hij wel gaat. Een goede training, want uiteindelijk weten we alles te rijden. Beneden aangekomen is het tijd voor een high-five, wat een vette dag.

 

Je zou hier maar een afslag missen.

Met stijve benen van de voorgaande dag rij ik achter Elke en Jarno aan de berg op. De zon is achter de wolken vandaag gekomen, een totaal ander beeld als de dag ervoor. De omgeving is ‘picture perfect’, als je een brochure over het gebied vol moet fotograferen, dan is dit het moment. Vandaag gaan we op een grote missie. We gaan de Sandling beklimmen, op de laatste tweehonderd meter na, want daarvoor moet je professioneel klimmer zijn. Vanaf de Sandling loopt volgens Elke de mooiste trail van het gebied. De klim voelt net zo onnatuurlijk aan als bikram yoga, je doet een sport bij een temperatuur waarbij je eigenlijk niets anders kan dan kreunen en steunen. Al snel gaat de helm af en hangt deze aan het stuur te bungelen zodat mijn hoofd kan ademen. Tien minuten verder hang ik mijn shirt aan mijn rugzak die toch al veranderd is in een natte spons. Verderop kan ik ook al niet meer door de glazen van mijn bril kijken, het gaat lekker zo. Uiteindelijk had ik alleen nog maar mijn binnenbroek aan en zat mijn short in mijn rugzak. Jarno verklaart me voor gek, maar even later volgt hij ook. Als twee nudisten rijden we verder de berg op. We zigzaggen van schaduwplekje naar schaduwplekje, de zon is vandaag onze grootste vijand. Twee uur later zijn we meer dan duizend hoogtemeters gestegen, we aanschouwen de vallei, bizar hoe ver we bij de bewoonde wereld vandaan zijn. Twee uur klimmen en het dorp is veranderd in een optische mierenhoop. Mountainbikes zijn bijzondere voertuigen waarmee je snel uit de beschaving kan verdwijnen de natuur in. We zijn aangekomen bij een pittoresk berghutje met een oud mannetje van achtentachtig als gastheer. Hij loopt een beetje mank want hij heeft zijn heup drie weken geleden gebroken. Ik sta er versteld van dat hij alweer op de been is. Volgens hem is er geen betere medicatie dan berglucht, daarom is hij zo snel mogelijk weer teruggekeerd naar huis. Zonder te vragen krijgen we een drankje voorgeschoteld, de specialiteit van het huis! Ik vraag me nog steeds af wat er nu precies in dat glas zat, ik stond in ieder geval goed te tollen.

Een kodakmomentje op de eeuwige wand stelt nooit teleur!

Een uurtje later sta ik aan het begin van de trail waarvoor we al de halve dag op pad zijn. Inmiddels ben ik weer nuchter en sta klaar om naar beneden te gaan. “It’s all downhill from here!” We stuiteren over het pad naar beneden. De flow is ver te zoeken, ik manoeuvreer mijn voorwiel tussen een doolhof van scherpe stenen, mijn achterwiel stuitert er achteraan. Elke krabt even op haar hoofd. De laatste keer dat zij het pad reed was het toch echt een stuk vloeiender. De trail loopt over de bodem van een berggeul. Het lijkt er op dat het smeltwater dit jaar via deze geul is weggesijpeld. Het water heeft al het zand meegenomen en de zware stenen laten liggen. Zeg maar dag tegen je trail, welkom in de wondere wereld van bodemerosie. Waarom het vorig seizoen dan anders is geweest weet niemand, dat blijft een raadsel. We rijden het pad verder af, het is eigenlijk meer overleven, een downhillfiets was hier wel wenselijk geweest. Beneden gekomen is het een wonder dat niemand lek heeft gereden of zichzelf heeft gesloopt. Uiteindelijk was alles tezamen een mooi avontuur. De dag zit er op en zo ook de trip naar deze bestemming. We drinken nog een laatste drankje met Elke op het terras. We bedanken haar voor al het moois dat ze ons heeft laten zien. Uitgeput weet ik nog net mijn ‘Gespritzter Apfelsaft’ naar mijn mond te tillen. Eén voor één komen alle marathonrijders terug van hun rondje. Waarschijnlijk hebben ze drie keer zo veel kilometers afgelegd en in vier keer zoveel hoogtemeters. Maar zouden ze ook zulke mooie trails gereden hebben?

 


Weapons of choice

Cube Stereo Super HPC Race
Al eerder prezen we de Cube Stereo als een ultieme allmountainbike. Een allround fiets waar je nog mee vooruit kan in Nederland en waar je erg ver mee gaat komen in de bergen. En dat was nog maar de aluminium versie. Bij het type mountainbiken wat wij hier deden sloot de carbon Stereo perfect aan. De driehoek van de boven-, onder- en zitbuis is van carbon, de swingarm is nog steeds van aluminium. Dit bespaart je een halve kilo, waardoor de fiets wat speelser aanvoelt op de trails en hij beter klimt. In het carbon frame zijn de kabels net even wat mooier weggewerkt dan bij zijn aluminium broertje. We gaan niet teveel in op het karakter, omdat elders in het blad al een sneakpreview staat van de vernieuwde 2013-versie.
www.cube.eu 

POC Trabec
Geïnspireerd door de omgeving hebben we naast de fiets het grasgroene thema ook volop doorgevoerd in onze uitrusting. Dat POC-helmen je hoofd net even wat beter beschermen dan de standaard piepschuim potjes hebben we eerder verteld. Dat de helmen in een breed scala aan kleuren te krijgen zijn nog niet. Wij vielen als een blok voor deze gifgroene versie. Verder zijn ze er nog in knallend paars, blauw of wat neutraler wit, zwart/grijs en donkerblauw.
€ 160,-
www.pocsports.com

Dakine Cross X
De Cross X-handschoen is het model waarmee het voor Da Kine allemaal begonnen is in de mountainbikewereld. De handschoentjes zitten erg lekker en na drie weken fietsen met een paar goede crashes zijn ze nog steeds niet kapot. Makkelijk aan en uit te trekken door de verstelbare sluiting en wederom in knallend groen om de uitrusting af te maken.

€ 45,-
www.dakine.com

 


Salzkammergut is een regio in Oostenrijk in de provincie Salzburgerland. De regio staat bekend om de schoonheid van de natuur. Oostenrijkse tafereeltjes met groene bergweiden en smeltwatermeren zijn volop aanwezig. Wij zaten gepositioneerd in Bad Goisern, maar je kan ook zitten in Bad Ischgl, St. Wolfgang im Salzkammergut of Gosau.

Vervoer
Met de auto is het van Amsterdam naar de regio precies duizend kilometer. Je zou ook kunnen vliegen naar de luchthaven van Salzburg en daar vandaan een bus nemen of een transfer regelen naar je hotel.

Verblijf
Wij verbleven in hotel Agathawirt. Een groot landhuis met traditionele Oostenrijkse aankleding. Het hotel was voorzien van een zwembad en sauna voor de nodige après-bike ontspanning. Een grote schuur deed dienst als opslag voor je fiets of klushok voor reparaties.

bike-holidays.com/en/landhotel-agathawirt.html

agathawirt.at


Grotere kaart weergeven